Mogelijk was hier de plaats Marcodurum die door Tacitus vermeld wordt in zijn beschrijving van de Bataafse opstand. De Übiers hier zouden door de opstandigen verrast zijn, ze waanden zich veilig omdat ze zich ver bij de Rijn vandaag bevonden
"Caesae cohortes eorum in vico Marcoduro incuriosius agentes, quia procul ripa aberant".
In de jaren '80 zijn hier veel munten en mantelspelden gevonden die gedateerd zijn op de eerste tot de derde eeuw1.





